Geplaatst op 8 februari 2005, 15:00 uur door Pieter van Gilst
Pijlman en Paas laten 50 meter bad lopen
De Hanzehogeschool en de gemeente Groningen bouwen samen een sporthal op Zernike die geschikt is voor het bedrijven van topsport. Wethouder René Paas en Hanzehogeschoolbaas Henk Pijlman hebben een akkoord bereikt over de verdeling van de kosten. De aanleg van een 50 meter bad zit er niet in.
Groningen betaalt iets meer dan een kwart miljoen euro mee aan de bouw van een topsporthal op Zernike. Het geld wordt benut voor het uitbreiden van de tribunecapaciteit. Bij grote wedstrijden (bij voorbeeld van volleybalclub Lycurgus) kan de capaciteit van de tribunes in een handomdraai worden vergroot van 400 naar 700 plaatsen.
De Hanzehogeschool, die de hal aanlegt, betaalt nog eens 110.000 euro extra om de sporthal de voor topsport noodzakelijk hoogte van tien meter te geven.
Het complex, ofwel het Instituut voor Sportstudies, komt midden op Zernike te staan en is per auto goed bereikbaar. Pijlman: "We willen graag dat de campus meer een onderdeel van de stad wordt. Een stevige publiekstrekker als deze topsporthal past prima in dat streven."
In het gebouw komen alle faciliteiten voor sportopleidingen van de Hanzehogeschool. Daarnaast is er ruimte voor een fysiotherapiepraktijk, gezondheidscentrum en een sportzaak. Ook nemen het Olympisch steunpunt en MPC Capitals (kantoorruimte) hun intrek in het gebouw.
Het door de Groninger zwemsport zo gewenste 50 meter bad (geschikt voor topwedstrijden) zit er niet in. Volgens Paas is er nadrukkelijk naar gekeken, "maar het is gewoon te duur en het zou betekenen dat zwembad De Parrel in Selwerd dicht gaat."
Pijlman: "Sluiting van De Parrel betekent nogal wat voor de wijk. Maar bovendien zou een 50 meter bad inhouden dat de Hanzehogeschool onderwijsgeld moet gebruiken voor een openbare voorziening. Dan heb ik wel erg veel uit te leggen."
Bouw
Het is de bedoeling dat de bouw van het nieuwe sportcomplex nog dit jaar van start gaat. Als er niets tegen zit, moet de topsporthal er in 2007 zijn.
(c) DvhN / Richold Brandsma
